Gemeente Alphen aan den Rijn streeft naar samenwerking

Gemeenten signaleren een grote groep van mensen met problematische schulden. Heel belangrijk hierbij is een goede samenwerking met betrouwbare bewindvoerders waar de gemeente hun inwoners naar door kunnen verwijzen. De afgelopen periode is hierdoor ook een wildgroei aan bewindvoerders ontstaan die vaak te weinig kennis en ervaring hebben. Met alle gevolgen van dien voor de cliënt. Juist de kwaliteit en het vertrouwen binnen deze samenwerking is essentieel, vooral voor de cliënten. Hoe ziet de gemeente de rol van bewindvoerder en haar eigen rol in het hele proces? En hoe kijkt de gemeente naar deze samenwerking?

ZELF: Heeft de gemeente inderdaad steeds meer behoefte aan betrouwbare bewindvoerders en zaakwaarnemers voor haar cliënten?

“Wij merken inderdaad dat deze behoefte is toegenomen omdat er inwoners zijn die nooit zelf de financiën kunnen beheren. Daarom hebben we betrouwbare bewindvoerders nodig waarnaar wij ze kunnen doorverwijzen. Zij zorgen voor een gezond financieel huishouden voor onze inwoners en samen te werken met de gemeente ter voorkoming van (nieuwe) schulden. Streven naar structurele oplossingen is daarom hard nodig.”

ZELF: Komt de toename van beschermingsbewind alleen door de wijzigingen in de Wet Curatele Bewind en Mentorschap die vanaf 2014 gelden? Hoe vertaalt zich dit financieel?

“We hebben cijfers kunnen achterhalen vanaf 2015. In 2015 en 2016 zijn de kosten verdubbeld.

Wij zien niet direct dat de Wetswijziging aanleiding is van de verhoging. Het kan één van de factoren zijn. Het heeft ook te maken dat er steeds meer mensen in de schulden komen of er is een toenemende complexiteit van problemen.

Er wordt meer zelfredzaamheid van mensen verwacht. Steeds meer gemeentes werken integraal. Wij zoeken de inwoners op. Daardoor zien we ook meer problemen omdat er breder gekeken wordt. “

ZELF: Wat vindt de gemeente belangrijk in de rol van een bewindvoerder?

“De kwaliteit, de kennis en ervaring van een bewindvoerder zijn ontzettend belangrijk. Maar ook het vertrouwen in de bewindvoerder. We hebben te maken met een kwetsbare doelgroep die afhankelijk is van hun bewindvoerder. Ze gaan met vertrouwen in hun professionaliteit naar ze toe omdat ze er zelf niet meer uit komen. Op het moment dat het dan niet goed gaat, raken ze het vertrouwen kwijt.

Wanneer er fouten gemaakt worden, is erkenning heel belangrijk. Al is het maar iets heel kleins. Wij merken bij de doelgroep dat als er fouten gemaakt worden dan maakt het niet meer uit wat de bewindvoerder daarna nog doet. Het vertrouwen is dan al weg. Wat we de laatste tijd veel zien is dat er veel verschillen in kwaliteit is tussen alle bewindvoerders. Daarin merken wij soms het verschil in kennis en ervaring. Dit zien we vooral in de aanvragen van voorzieningen terug. Hierdoor hebben we nu een doelgroep in Alphen aan den Rijn die eigenlijk beschermingsbewind nodig heeft maar die dit wegens eerdere slechte ervaringen niet meer wil.”

ZELF: Dat is triest, wat doen jullie dan als gemeente? Wel doorgaan met Schuldhulpverlening zonder beschermingsbewind?

“Als de inwoner niet leerbaar en coachbaar is en beschermingsbewind nodig heeft, dan zitten we eigenlijk klem. Als we dan starten met schuldhulpverlening en het gaat mis, dan heeft de inwoner zijn kans richting schuldeisers ook verpest. De inwoner komt dan vaak later terug met nog meer ellende. Wij als gemeente proberen dan een drie partijen gesprek te voeren met de inwoner en een bewindvoerder naar keuze in de hoop dat de inwoner het vertrouwen terug krijgt, dus wij doen er alles aan maar garanties kunnen wij niet geven.”

ZELF: Ik hoop dat dit uitzonderingen zijn en dat jullie ervaring en die van jullie inwoners met bewindvoerders doorgaans positief zijn?

“Wij hebben veel inwoners in beschermingsbewind. Daarvan is geen totaalbeeld want niet alles gaat via de gemeente. In de schuldhulpverlening werken we in 30 procent van de dossiers samen met een bewindvoerder. Er zijn korte lijnen in communicatie en stabiele inkomsten en uitgaven. De inwoner wordt ermee ontzien. We hebben gelukkig hele goede ervaringen met bewindvoerders voor de doelgroep waar het voor nodig is.”

ZELF: Wat doet de gemeente aan schuldenpreventie?

“Vanaf 2014 bekijken alle medewerkers van het serviceplein alle hulpvragen integraal. Met deze aanpak hopen wij dat er minder mensen in een crisis belanden. Wij werken samen met geldzorgmaatjes van Stichting Geldzorg. Daarnaast geven we voorlichting bij ketenpartners. Dit zijn vooral veel ketenpartners uit Alphen aan den Rijn zelf maar wij doen ook mee aan een landelijke pilot waarin overleg is met o.a de belastingdienst, het UWV en CJIB. Ook nemen wij samen met allerlei specialisten deel in wijkteams om de situatie van diverse kanten te belichten. De bijzondere bijstand moet altijd individueel bekeken worden. We kijken bij crisissituaties zelf mee wat er vanuit de bijstand nog mogelijk is. Waarin vroeger de wet leidend was, is nu de wet de basis maar er wordt door ons meer gekeken naar maatwerk door de ruimte binnen de wet op te zoeken. Zo kijken we samen naar oplossingen ten behoeve van de inwoner.”

ZELF: Toetst de gemeente ook uit eigen beweging meteen de zelfredzaamheid van een inwoner, en of een minder ingrijpende maatregel mogelijk is, dan meteen beschermingsbewind?

“Binnen de Gemeente Alphen aan den Rijn kijken we altijd meteen naar de mate van zelfredzaamheid. Dit doen we door te kijken of de inwoner de afspraken na komt en de verwachte acties kan uitvoeren. Wij monitoren de inwoner lange tijd en zij vullen een screeninginstrument in. Als wij uiteindelijk concluderen dat de zelfredzaamheid hierin tekort schiet, dan leggen wij beschermingsbewind op als voorwaarde om SHV te kunnen starten.

ZELF: Is nazorg bij einde bewind of budgetbeheer van belang en waarom? Wat doet de gemeente hierin?

“Ja, iedereen die bij Gemeente Alpen aan den Rijn budgetbeheer en/of schuldhulpverlening heeft gehad, krijgt nazorg. Per 1 januari ondersteunt Stichting Geldzorg hierin. Het nazorgtraject duurt een jaar. Er is gemiddeld 1 keer per 2 maanden een huisbezoek en er is een terugkoppeling aan de gemeente. O.a. het vroegtijdig signaleren van veranderingen in de leefomstandigheden is hierin erg belangrijk. Dit zou wat betreft cliënten woonachtig in Alphen aan den Rijn, Nieuwkoop en Kaag en Braasem eventueel ook mogelijk zijn binnen onze samenwerking met jullie. Dit kunnen we samen verder uitwerken en als pilot met elkaar starten. Wij kunnen onze ervaringen hierin delen.

ZELF: Dus jullie zien als gemeente wel een meerwaarde in een goede samenwerking met professionele inkomensbeheerders en bewind­voerders en de intentie­verklaring zoals wij die samen hebben?

“Ja, de huidige intentieverklaring met jullie is op jullie eigen verzoek tot stand gekomen, en we zien hier zeker de meerwaarde van. Ook voor onze samenwerking.

We hebben met andere bewindvoerders geen intentieverklaring. Dit komt o.a. omdat er veel bewindvoerders zijn. Inwoners zijn vrij om zelf te kiezen voor een bewindvoerder

De meerwaarde voor ons ligt in de jaarlijkse gesprekken en de korte lijnen, je weet elkaar te vinden en er is open communicatie over.

Wij ervaren dat jullie ons als hele belangrijke samenwerkende partner zien, dat is ook voelbaar. Jullie laten daarmee zien dat niet alleen de inwoners belangrijk zijn, maar ook de ketenpartners. Vaak wordt de belangrijkheid hierin onderschat.

Maar als je de inwoner goed wilt bedienen, heb je de ketenpartners hard nodig. Dit is een tip voor alle gemeenten en bewindvoerders in Nederland.“

Door: Erna Kagenaar

Erna Kagenaar is sinds 2006 werkzaam bij de Stichting Financiële Dienstverlening Zuid-Holland Noord. In haar functie als coördinator Frontoffice draagt zij o.a bij aan een goede samenwerking binnen het team en met stakeholders, veelal gerelateerd met de zorg. De affiniteit en ervaring met de kwetsbare doelgroep door haar opleiding als Z-verpleegkundige en 17 jaar werk­ervaring in de zorgverlening komt hierbij goed van pas. Dit samen met haar jarenlange ervaring in de functie van relatie­beheerder bij de SFD ervaart zij als een mooie combinatie werkervaring voor het uitvoeren van haar huidige functie.

2018-10-08T10:21:23+00:00 8 oktober 2018|